73% van Zwitsers stemt voor grondwettelijk recht op cash: les voor Nederland tegen digitale controle
In dit artikel:
Op 8 maart stemden Zwitserse kiezers massaal voor het verankeren van het recht op contant geld in de grondwet: 73,4 procent steunde het door de regering voorgestelde tegenvoorstel dat was bedoeld om een burgerinitiatief van de Swiss Freedom Movement te temperen (dat zelf op 46 procent bleef steken). Met deze keuze voegt Zwitserland zich bij landen als Hongarije, Slowakije en Sloveniƫ die al een grondwettelijke bescherming voor cash hebben; ook Oostenrijk overweegt iets vergelijkbaars.
De stemming komt tegen de achtergrond van een snelle verschuiving richting digitale betalingen: het aandeel contante aankopen aan de kassa in Zwitserland daalde volgens het artikel van ruim 70 procent in 2017 naar circa 30 procent in 2024. Voorstanders van de grondwetswijziging benadrukken dat cash niet alleen praktisch is, maar ook vrijheid en privacy beschermt omdat het geen digitaal spoor nalaat en daarmee controle door overheden, banken of techbedrijven beperkt. Het artikel wijst daarnaast op zorgen rond projecten als een digitale euro en op overheidsinmenging tijdens de coronaperiode als voorbeelden van waarom contant geld volgens voorstanders behouden moet blijven.
De auteur gebruikt de Zwitserse uitkomst als argument dat Nederland eveneens het recht op contant geld grondwettelijk zou moeten vastleggen en roept op tot verzet tegen verdergaande digitaliseringsplannen vanuit Brussel en de ECB. De tekst combineert feiten over de referendumuitslag en betaaltrends met een duidelijk politiek standpunt dat pleit voor wettelijke bescherming van cash als instrument van individuele vrijheid.