7 vragen aan... Philip Huff: 'Gerbrand Bakker is de beste levende schrijver van Nederland'

maandag, 16 maart 2026 (21:15) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Philip Huff (1984), schrijver en regisseur, vertelde op 16 maart 2026 over zijn net verschenen zesde roman Een goed nest (maart 2026), waarin hij gezin en de complexe wisselwerking tussen ouders en kinderen centraal stelt: elkaar nodig hebben, missen, beschadigen en toch proberen van elkaar te houden.

Voor de Boekenweek tipt Huff vooral non-fictie: Wessel Kruls biografie over Charley Toorop (Een schildersleven), Maurits Chabots boek over het Oekraïense verzet (Dan zien we dezelfde sterren) en Geweten van Maurits de Bruijn. Fictietips vindt hij lastiger zonder te weten wie de lezer is; hij ziet daar een rol weggelegd voor de boekhandelaar.

Huff noemt Gerbrand Bakker de beste levende Nederlandse schrijver van zijn generatie. De jeugdjaren werden gevormd door Annie M.G. Schmidt, Imme Dros en Thea Beckmann; Jon Krakauers De wildernis in raakte zijn twaalfjarige ik zozeer dat het hem richting het schrijverschap duwde. Over wat de volgende generatie zou moeten schrijven is hij terughoudend: de druk van eerdere generaties heeft hem ervan weerhouden voorschriften te geven.

Wat klassiekers betreft wisselt zijn voorkeur per gemoed, met recent de dood van Cees Nooteboom in gedachten; hij noemt ook Asymmetry (Lisa Halliday), Mrs Dalloway en The English Patient van Ondaatje. Voorlezen doet hij graag uit Pluk (Pluk van de Petteflet) aan zijn nichtjes en hij hoopt dat ze ooit samen bij Ondaatje aankomen. Op zijn nachtkastje ligt – omdat hij het mooi vindt – zijn eigen Een goed nest, hoewel hij het al heeft uitgelezen.