De Tour de France zal in 2028 weer op Franse bodem beginnen na twee jaar afwezigheid. De 115e editie van de belangrijkste wielerwedstrijd ter wereld krijgt het startschot op 24 juni vanuit Reims, een stad die de start al in 1956 organiseerde.
De regio Grand Est is de grote protagonist van deze Grand Départ. Het peloton zal de departementen Marne, Ardennen, Maas en Moezel doorkruisen, met speciale aandacht voor plaatsen zoals Charleville-Mézières, Épernay, Metz, Reims, Thionville en Verdun.
Deze gebieden, doordrenkt van geschiedenis, bieden de fans dagen vol emotie en verwijzingen naar het verleden van de koers.
Metz was het toneel van de eerste internationale start van de Tour toen de stad nog deel uitmaakte van Duitsland. In 1956 trok André Darrigade het gele trui aan na de openingsetappe die daar begon.
Reims herbeleeft ook goede recente herinneringen. In 2019 maakte Julian Alaphilippe een gedenkwaardige ontsnapping die hem in staat stelde de gele trui de volgende dag te dragen na een etappe die begon bij zijn kathedraal.
Na de start zal het parcours zich richten op het noorden van Marne en de Ardennen binnenrijden om de dag af te sluiten in Charleville-Mézières, een stad die de journalisten van L’Équipe beschouwen als de meest sportieve van Frankrijk.
Vervolgens zal het peloton het Moezelgebied intrekken met etappes die langs Metz en Thionville gaan. Het parcours beoogt de identiteit te versterken van een regio die met grote passie van wielrennen houdt en die decennia van conflicten heeft overwonnen om naar de toekomst te kijken.