Een documentaire over een prominente muzikant en producer uit de jaren zestig en zeventig glijdt al snel af naar nostalgie. Toch blijven de sterkste figuren uit die periode vandaag relevant. Peter Asher past in dat profiel. Hij begon als helft van het Britse duo Peter and Gordon en werd later een toonaangevende producer wiens werk bepalend was voor belangrijke albums van die tijd.
Asher werd in 1944 geboren in een welgesteld Londens gezin. Zijn vader, endocrinoloog, identificeerde en benoemde het syndroom van Münchhausen, terwijl zijn moeder professioneel hobo speelde. Op Westminster School leerde hij Gordon Waller kennen, een andere leerling die gitaar speelde. Samen begonnen ze op te treden en kregen ze vaste optredens in de Pickwick Club, waar ze de aandacht trokken van EMI Records.
Asher's zus Jane verscheen in een jongerenmuziekprogramma en ontmoette de Beatles in 1963, wat leidde tot haar relatie met Paul McCartney. McCartney logeerde regelmatig bij de familie Asher en gaf het duo het nummer A World Without Love. Peter and Gordon namen het nummer op in hun eigen stijl en scoorden er een grote hit mee. McCartney leverde nog meer materiaal voor hun singles, waaronder I Don't Want to See You Again en Nobody I Know.
Asher besefte dat optreden niet zijn uiteindelijke roeping was. Hij richtte samen met John Dunbar en Barry Miles de boekhandel en galerie Indica op. Later introduceerde hij Marianne Faithfull bij de Rolling Stones. Zijn productiecarrière begon toen Paul Jones hem vroeg om mee te werken aan een soloalbum. McCartney benoemde hem vervolgens tot hoofd A&R bij Apple Records, waar Asher een vroege album van James Taylor signeerde en produceerde.
Na zijn verhuizing naar Los Angeles verfijnde Asher het geluid op Taylor's Sweet Baby James door sessiemuzikanten als Russ Kunkel en Carole King in te schakelen. Hij produceerde ook verschillende lovend ontvangen platen voor Linda Ronstadt, waaronder de precieze arrangementen op You're No Good en Heat Wave. In 1977 verscheen hij samen met Taylor en Ronstadt op de cover van Rolling Stone, wat zijn centrale rol in die muziekperiode onderstreepte.
Regisseurs Daniel Geller en Dayna Goldfine bouwden de film rond fragmenten uit Ashers autobiografische toneelvoorstelling in Bimbo's 365 Club in San Francisco. Nu begin tachtig blikt Asher met kenmerkende bescheidenheid terug op deze ervaringen. Het project behandelt zijn poproem, overstap naar de industrie en persoonlijke uitdagingen, waaronder de verslavingsproblemen van zijn vrouw.
De documentaire schetst een evenwichtig portret van een figuur wiens vroege roem en latere productiebijdragen nog steeds doorwerken. Daarbij wordt ook stilgestaan bij zijn blijvende invloed op de singer-songwriterbeweging en de gewoonte om sessiemuzikanten op de hoes te vermelden.