Toen de Verenigde Staten in 1917 aan de strijd deelnamen, stonden ambtenaren voor een enorm financieringsprobleem. Het land had enorme bedragen nodig om zijn militaire rol in het wereldwijde conflict te ondersteunen, maar traditionele inkomstenbronnen schoten tekort.
William McAdoo, destijds schatkistsecretaris, reageerde door het Liberty Loan-programma op te zetten. Het initiatief verkocht overheidsobligaties rechtstreeks aan het publiek en presenteerde de aankopen als een vaderlandslievende plicht in plaats van een financiële transactie.
Ambtenaren koppelden de obligatieverkoop aan een intensieve publiciteitscampagne. Stomfilmsterren zoals Charlie Chaplin verschenen in promotiemateriaal, terwijl padvindsters en andere burgergroepen het bericht verspreidden. Een opvallend onderdeel was een buitgemaakte Duitse onderzeeër die in Central Park in New York werd tentoongesteld om steun te winnen.
De campagne bracht uiteindelijk meer dan 21 miljard dollar op, een bedrag dat overeenkomt met ongeveer 9 biljoen dollar in huidige dollars. Naast het voldoen aan de oorlogsbehoeften creëerde het programma een brede basis van particuliere obligatiehouders en hielp het de institutionele structuur van de moderne Amerikaanse treasury-markt vorm te geven.
De inspanning markeerde ook een blijvende verschuiving in de publieke houding tegenover overheidsschulden en maakte miljoenen burgers actieve deelnemers aan het financiële systeem van het land.