Karl Deisseroth, Peter Hegemann en Georg Nagel ontvingen de Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde voor hun werk aan lichtgestuurde ionkanalen en optogenetica. De Nobelvergadering aan het Karolinska Institutet in Stockholm maakte de beslissing maandag bekend.
De drie wetenschappers delen de prijs van 12 miljoen kronen, ongeveer 1,2 miljoen dollar waard. Hun onderzoek creëerde optogenetica, een techniek die licht gebruikt om specifieke cellen in levende organismen te controleren.
Optogenetica laat onderzoekers observeren hoe zenuwcellen herinneringen, emoties en acties beïnvloeden in het actieve brein. Laboratoria wereldwijd passen de methode nu toe in hun studies.
Alfred Nobel, de Zweedse uitvinder van dynamiet die in 1896 overleed, stelde de prijzen in via zijn testament. De centrale bank van Zweden voegde de economieprijs toe in 1968.
Dit jaar steeg het prijzengeld met een miljoen kronen in elke categorie ter ere van het 125-jarig bestaan van de prijzen. In 1901, toen de eerste prijzen werden uitgereikt, bedroeg elke prijs 150.782 kronen.
Vorig jaar verdienden drie wetenschappers de geneeskundeprijs voor bevindingen over hoe het immuunsysteem zichzelf reguleert. Die ontdekkingen openden wegen naar nieuwe behandelingen voor kanker en auto-immuunziekten.
Stockholm zal de overige laureaten onthullen tot 12 oktober. Het Noorse Nobelcomité in Oslo zal de vredesprijs vrijdag aankondigen.