Onafhankelijke eigenaren van lokale tv-stations krijgen een onverwachte bondgenoot in Brendan Carr, de voorzitter van de Federal Communications Commission. Na jaren van afnemende invloed door de opkomst van streaming zien deze stationgroepen nu regelgevende verlichting aan de horizon.
De commissie wil op 6 augustus stemmen over het schrappen van het lang bestaande nationale plafond dat elke eigenaar beperkt tot maximaal 39 procent van de Amerikaanse tv-huishoudens. De regel, die in 1941 voor radio werd ingevoerd en later voor televisie werd aangepast, is al decennia een kernbeperking op mediaconsolidatie.
Carr noemde de wijziging noodzakelijk om lokale stations een sterkere positie te geven in een markt die wordt gedomineerd door nationale programmasamenstellers. Hij merkte op dat het oorspronkelijke doel was om de macht van netwerken te beperken, maar dat het plafond nu vooral onafhankelijke eigenaren beperkt terwijl streamingdiensten elk huishouden zonder restricties bereiken.
De nationale programmasamenstellers — Comcast, Disney, Fox, Paramount — hebben volgens mij op veel manieren de afgelopen tien jaar een enorme hoeveelheid macht vergaard. Ik denk dat de zaken uit balans zijn en een van de redenen waarom we dit doen, is om het evenwicht op de ether terug te brengen.
De National Association of Broadcasters pleit al langer voor afschaffing van het plafond. President en ceo Curtis LeGeyt stelt dat verouderde regels lokale stations belemmeren om effectief te concurreren met wereldwijde platforms die geen eigendomslimieten kennen.
LeGeyt benadrukt dat lokale tv-nieuwsredacties nog steeds tot de weinige bronnen van betrouwbare, gemeenschapsgerichte berichtgeving behoren die zonder abonnement beschikbaar zijn. Hij waarschuwt dat stations zonder meer schaal moeite zullen hebben om de hoge kosten van nieuwsproductie te financieren in een tijd van intense digitale concurrentie.
Carr heeft ook interesse getoond in handhaving van de Sports Broadcasting Act van 1961. Omroepen stellen dat de antitrustvrijstelling voor professionele competities werd verleend in ruil voor brede beschikbaarheid via gratis ethertelevisie, niet achter betaalmuren op diensten als Amazon Prime Video of Netflix.
LeGeyt heeft verklaard dat recente deals waarbij NFL-wedstrijden naar streamingplatforms verhuizen het oorspronkelijke publieke toegangsakkoord ondermijnen. Hij roept het Congres op om te bevestigen dat de vrijstelling vooral geldt voor distributie via de ether.
Analist Patrick Sholl van Barrington Research ziet het schrappen van het plafond als nuttig voor bereik in de reclame en operationele efficiëntie, al waarschuwt hij dat schuldenniveaus directe consolidatie onder de grootste groepen kunnen vertragen.
De American Television Alliance, die kabel- en satellietdistributeurs vertegenwoordigt, verzet zich tegen de maatregel en voorspelt hogere doorgifterechten en minder lokaal nieuws. De groep verwacht juridische procedures als de commissie doorgaat.