Het nieuwe drama Being Huemann vangt de rauwe energie van een cruciaal moment in de geschiedenis van de gehandicaptenrechten. Onder regie van Siân Heder ging de film in première op het Toronto International Film Festival en staat de 21-daagse sit-in centraal die federale ambtenaren onder druk zette om historische bescherming af te dwingen.
Heder, die vijf jaar eerder lof oogstte met CODA, keert terug met een verhaal waarin gehandicapte acteurs centraal staan. De aanpak sluit aan bij haar eerdere werk door te laten zien hoe een beperking de identiteit vormt, zonder te vervallen in simplistisch sentiment.
De cast levert optredens die direct en ongefilterd aanvoelen. Acteurs spelen personen met uiteenlopende beperkingen, en de film gebruikt die authentieke perspectieven om kijkers uit te dagen in plaats van gerust te stellen.
Het verhaal begint in 1972 met de vroege activisme in New York onder leiding van Judy Heumann. Zij zet zich in voor Section 504 van de Rehabilitation Act, een maatregel die discriminatie in federaal gefinancierde programma’s moest tegengaan. Jaren later in San Francisco laait de strijd op wanneer de wet vastloopt bij de handtekening van minister van Volksgezondheid, Onderwijs en Welzijn Joseph Califano.
Betogers bezetten het HEW-gebouw drie weken lang. Wat begint als een geplande demonstratie groeit uit tot een langdurige bezetting, bepaald door wisselende tactieken, media-aandacht en de dagelijkse realiteit van de deelnemers. De film laat zien hoe de groep kracht put uit burgerrechten-tradities en onverwachte bondgenootschappen.
Mark Ruffalo speelt Califano als een vermoeide liberale ambtenaar die eerdere bewegingen steunde, maar aarzelde bij de kosten van toegankelijkheidsaanpassingen. De vertolking benadrukt de spanning tussen uitgesproken idealen en de praktische weerstand die de uitvoering vertragde.
De film volgt de betogers terwijl zij vooroordelen in onderwijs, werk en dagelijks leven onder ogen zien. Een personage herinnert zich dat hij van school werd geweerd als vermeend brandgevaar. Een ander kanaliseert verontwaardiging via inventieve communicatiemethoden. Het verhaal bouwt op naar de uiteindelijke Americans with Disabilities Act van 1990, terwijl wordt opgemerkt dat diepere culturele veranderingen vandaag de dag nog doorgaan.
Heder bouwt de film zo op dat hij het onvoorspelbare verloop van de werkelijke gebeurtenissen weerspiegelt. Kijkers maken eerst kennis met personages via het prisma van hun beperking, waarna die labels plaatsmaken voor volwaardige portretten van vastberadenheid en humor.